Gezondheid en Ziekten

Algemeen

De kweker kan er zelf een heleboel aan doen om ziekten bij vogels te voorkomen. In het hoofdstuk Volière ontwerp zijn de belangrijkste preventieve maatregelen al uitvoerig behandeld. Maar zelfs als we de vogels onder optimale omstandigheden hebben gehuisvest en de verzorging is uitstekend, dan toch kunnen ziekten de kop opsteken. Soms kan een ziekte een hele populatie in de volière aantasten. Het is daarom noodzkelijk om de vogels dagelijks te observeren. Elke verandering in gedrag, ontlasting of verenpak kan een indicatie voor een ziekte zijn.

Wanneer dit wordt bemerkt aarzel dan niet en zet de vogel apart om overdracht van de ziekte naar andere vogels te voorkomen en om de vogel in een rustige omgeving te laten herstellen. Een zgn. ziekenkooitje moet elke vogelhouder bij de hand hebben. Door een verwarming in of boven het kooitje moet de vogel bij een temperatuur van ongeveer 30 °C worden gezet. De bodem van het kooitje moet elke dag worden ververst. Ik gebruik hiervoor een stukje krant dat gemakkelijk verwijderd kan worden. Dit dagelijks verversen is nodig om een eventuele infectie cyclus te doorbreken. De vogel moet absoluut blijven eten en drinken. Soms is het noodzakelijk wat zachtvoer aan te bieden als de vogel niet meer goed in staat is om het zaad te pellen.

Begin nooit zomaar met het vertrekken van medicijnen als de diagnose niet onomstotelijk vaststaat. Vogelhouders mogen veel ervaring hebben, maar zijn geen dokters. Raadpleeg daarom een in vogels gespecialiseerde dierenarts. Het zomaar vertrekken van medicijnen zal de vogel alleen maar verzwakken en de kansen op herstel minimaal maken. Raadpleeg zeker een dierenarts wannneer meerdere vogels door de ziekte zijn aangetast. Controleer regelmatig de conditie van de vogel. Gaat het bergafwaarts en de vogel lijdt, wees dan moedig en maak er een eind aan door het breken van de nek

De meeste mensen hebben niet de juiste achtergrond om een vogel te diagnosticeren. De onderstaande tabel is daarom alleen bedoeld als een leidraad en NIET in plaats van professioneel medisch advies en diagnose. De informatie is voor een groot deel uit de literatuur. In de meeste gevallen heb ik zelf geen practische ervaring met de hieronder beschreven vogelziekten.

Vaak geeft alleen mestonderzoek uitsluitsel over de ziekte. Om de mest op te vangen wordteen stukje aluminumfolie in het ziekenkooitje onder de zitstokken aangebracht.en verwijderd als er mest is gedeponeerd. Mest kan het beste vers worden onderzocht. In ieder geval verdient het aanbeveling om het monster in de koelkast te bewaren. Mest wordt meestal door een dierenarts onderzocht. Er zijn ook niet-dierennartsen die een betrouwbare diagnose aan de hand van het mestonderzoek kunnen stellen. Bent u lid van de Speciaalclub Europese Cultuurvogels, dan kunt u de mest daar gratis laten onderzoeken.

MOGELIJKE OORZAAK


SYMPTOMEN


Escherichia coli infectie

Deze ziekte kan optreden bij vogels van 1-8 dagen oud. Het nest voelt nat aan een de veren van de pop zien er zweterig uit. Het nest kan ook vies ruiken. In de meeste gevallen sterven de jonge vogels. Oudere vogels kunnen met een anti-bioticum zoals colistine worden behandeld. 

Atoxoplasmose (zie ook onder)

Atoxoplasmose is een ware plaag voor vogels in gevangenschap. Geinfecteerde vogels sterven snel. Onderzoek laat een een vergote lever met een onnatuurlijke blauw/paarse kleur zien. Genezing is in de regel niet mogelijk, maar een preventieve medicatie is mogelijk met name vlak voor en tijdens het broedseizoen.

Coccidiose (zie ook onder)

Hoofdzakelijk jonge vogels zijn hiervan het slachtoffer. Ze stoppen met (voldoende) eten, de uitwerpselen zijn vloeibaar en de darmen zijn rood en gezwollen. Coccidiose is minder "dodelijk" dan atoxoplasmose en kan worden behandeld Finicoc, Baycocx or Esb3 kan worden gebruikt ter behandeling maar ook preventief .

Megabacterien

De infectieziekte die ten onrechte "Megabacterien" wordt genoemd wordt in feite veroorzaakt door een gist (Macrorhabdus ornithogaster). Toen de ontlasting van zieke vogels werd onderzocht onder microscoop zag men langgerekte organismen. Omdat ze hierdoor enigszins leken op staafvormige bacterien, maar veel groter waren werden ze Megabacterien genoemd. Wanneer een vogel hiervan last heeft is de ontlasting waterig dun met hierin vaak een bruine rulle substantie. De gisten die dit veroorzaken vermeerderen zich in de maag. Of een vogel last heeft van Megabacterien kan alleen door microsopisch onderzoek worden vastgesteld. Behandeling kan het best geschieden door een middel uit de humane geneeskunde. Goede resultaten worden bereikt door "Fungizone" een suspensie met als werkzame stof Amfotericine B (100mg/ml), dat gedurende 14 dagen in een concentratie van 0.6 ml/liter wordt toegediend.. Een andere indicatie voor het besmet zijn met Megabacterien is de aanwezigheid van onverteerde zaden in de ontlasting. Ook wordt vaak de spiermaag naar achteren gedrukt waardoor die als een soort "eitje" in de buik te voelen is. Dit komt omdat de kliermaag ontstoken en dus vergroot is, waardoor de spiermaag naar achteren wordt gedrukt.

Kanarie pokken

De naam suggereert dat alleen kanaries hiervan te leiden hebben. Niets is minder waar. Ook onze Europese zaadeters zijn hiervoor gevoelig. Pokken komt in twee vormen voor de uitwendige vorm en de inwendige vorm. Bij de uitwendige vorm verschijnen er wratachtig aandoeningen rond de snavel, ogen of oponbevederde huid. Bij de inwendige vorm zitten de aandoeningen in de keel, luchtpijp en longen. De vogel zit duidelijk naar adem te snakken. Het virus komt via de huid naar binnen. Muggen zijn de overbrengers. Er is geen behandeling mogelijk. De meeste vogels komen aan hun eind. Kanaries en vinkachtigen moeten preventief worden geent om de ziekte te voorkomen. Dit is de enige oplossing. Een vogelhouder die te maken heeft gehad met kanarie pokken laat het wel uit zijn/haar hoofd om niet jaarlijks te enten. Vaccinatie gebeurt in juni/juli..

Trichomoniasis

Trichomonas is een infectie aan de luchtwegen. De vogel heeft moeilijkheden met ademen en er kan slijm te zien zijn bij de snavel.. Als de vogel met de kop schud, zie je druppels in het rond vliegen. Behandeling met Tricho plus (Oropharma)

Campylobacter infectie

Campylobacter is een bacterie die verantwoordelijk is voor een groot aantal voedselvergiftigingsincidenten bij de mens. Een campylobacter infectie kan echter ook bij vogels voorkomen. De gelige uitwerpselen van de vogels tonen onverteerde zaden. De ziekte kan worden behandeld met erythromycin (5%), dat via het water wordt gedoseerd. Het medicijn heeft wel een afwijkende smaak. Men moet er zich van vergewissen dat de vogels blijven drinken. Baytril is ook een goed preparaat

Dermatomycose

Dermatomycose is een infectie die door de pathogene schimmel Trichophyton of microsporum wordt veroorzaakt. De symptomen zijn de aanwezigheid van een wit poeder op de veren. Later kunnen de veren zelfs uitvallen. Uitwendig behandeling van de aangetaste plaatsen kan met Nizoral of Dactarin geschieden. Nizoral kan langdurig wordeb gebruikt zonder bijverschijnselen. De besmetting kan ook over worden gedragen op de mens. Voorzichtigheid en strikte hygiène is daarom essentieel. Andere middelen die goed helpen zijn imaverol (werkzame stof enilconazol) uitwendig en trisporal (intraconazol) inwendig

Aspergillose

Aspergillus is een schimmel die we rangschikken onder de opportunistische pathogenen. Vogels worden alleen aangetast als de condities voor groei en besmetting voor de schimmel ideaal zijn. Als vogels in een vochtige omgeving worden gehouden met weinig ventilatie dan zullen de schimmelsporen worden geinhalleerd en ontkiemen in de luchtpijp. De vogels kunnen dan heel moeilijk ademhalen. Onderzoek laat witte vlekjes op het membraam zien. Uitwendige behandeling met  Itraconazol of Nizoral. Aspergillose onstaat ook vaak als een gevolg van vitamine A gebrek

Veder mijten

Deze parasieten voeden zichzelf met het keratine en veroorzaken veeruitval en een slordig verenpak. Behandeling met Finion of Bird spray (vermijd contact met de neus ingang en de ogen. Vedermijt kan ook worden behandeld met anti-luchtpijpmijt van Bogena. (1 maal per 10 dagen op de kale huid en dit 3 tot 4 maal herhalen). Ook Oramaec (1 dag via het drinkwater 1 keer per 10 dagen en dit 3-4 maal herhalen.)

Ectoparasieten (bloed mijten)

Deze parasieten ( Dermanyssus avium) houden zich schuil op donkere plaatsenen vallen aan in de nacht. Deze invasies kunnen massaal zijn. Jonge vogels in het nest kunnen ten onder gaan door bloedarmoede. Om bloedmijten te voorkomen moet bij de buw van de volière of kooi kieren en naden worden vermeden. Houtconstructies kunnen het best worden afgekit met een siliconen kit. Witte verf is beter dan donkere verf. Nest kastjes moeten niet stijf tegen de wand worden ophangen maar op afstand worden gehouden met bv. een paar spijkertjes. Als er bloedmijten "op het hok" zijn dan kan men dit herkennen aan onrustige vogels, die de hele dag door in het verenpak zitten te pikken en te krabben. Plaatsen waar parasieten zich ophouden moeten worden behandeld met een spray. Onder de sisal nestmandjes breng ik altijd een fijn laagje Finion poeder aan. Dit is een natuurlijk insecticide. Er zijn tegenwoordig ook mengsels van gedroogde kruiden te koop die hetzelfde effect zouden hebben. Ik heb hier tot dusver geen positieve ervaringen mee.

Protozoaire ziekten


Coccidiose en atoxoplasmose zijn protozoaire ziekten. Coccidiose wordt veroorzaakt door de parasiet Isospora canaria. De veroorzaker van atoxoplasmose is de sterk verwante parasiet Isospora serini. De infectie cyclus van beide parasieten is vrijwel identiek. Op een belangrijk onderdeel verschillen ze echter van elkaar. In tegenstelling tot Isospora canaria, is isospora serini in staat door de darmwand heen te dringen en via de bloedbaan zich te nestelen in vitale organen. Lever, luchtzakken en hersenen kunnen hierdoor worden aangetast. Dit leidt veelal tot een snelle sterfte van de vogel. Een infectie met Isospora canaria is meestal even dodelijk voor jonge vogels, maar verloopt in de regel milder voor volwassen exemplaren. Voor vogelhouders kan een uitbraak van coccidiose of atoxoplasmose een ware ramp betekenen. Bij de kweek is alles er dan ook op gericht om deze parasieten buiten de deur te houden of in ieder geval de infectie druk binnen proporties te houden. Foto: isospora.jpg Onderschrift: Isospora aanwezig in de mest bij een vergroting van 400x Er is heel veel wetenschappelijk onderzoek verricht op het gebied van parasitaire ziektes. Dit komt vooral omdat de malaria, die ook door een protozo wordt veroorzaakt, nog steeds miljoenen slachtoffers maakt in tropische gebieden. Parasieten vormen ook een grote bedreiging voor de intensieve kippenhouderij. Ook hier moet preventief worden opgetreden om ernstige uitbraken te voorkomen. Er zijn honderden verschillende soorten protozoën, waarvan de meeste zeer gastheer specifiek zijn. De natuur heeft deze kleine eencelligen uitgerust met een zeer gespecialiseerd en verfijnd mechanisme om te overleven. Interessant genoeg om eens stil te staan bij de levenscyclus van de twee parasieten die in onze hobby zo veel problemen kunnen opleveren. De besmettingscyclus begint met een vogel, die besmet is met een parasiet. De oöcysten, voor het gemak even eitjes genoemd, die ze bij zich dragen, worden met de uitwerpselen door geïnfecteerde vogels uitgescheiden Op dat moment zijn deze kiemen nog niet in staat om een nieuwe gastheer te infecteren. Een rijpingsproces buiten het vogellichaam (in de uitwerpselen) dient hieraan vooraf te gaan. Het sporuleren (tot rijping komen) duurt een aantal dagen. De condities moeten wel gunstig zijn, vocht en warmte zijn nodig om het sporuleren op gang te brengen en te houden. Een onrijpe oöcyst bevat meestal één sporoblast (onrijpe spore). Eerst vindt er in de oöcyst een deling plaats, waardoor er twee sporoblasten ontstaan. De sporoblasten vormen nu een celwand. Deze sporoblast verandert hierdoor in een sporozoїet. Vervolgens vindt er weer tweemaal een deling plaats waarbij er vier sporozoїeten worden gevormd. Pas nadat deze cyclus is doorlopen, is de parasiet in het virulente stadium gekomen en klaar om een nieuwe gastheer te infecteren. Het zal duidelijk zijn dat voor de vogel liefhebber hier een kans ligt om de cyclus te doorbreken. Het schoonhouden van de verblijven en vooral het verwijderen van de mest, is heel belangrijk om het sporulatieproces in het vogelverblijf te stoppen en eventueel gerijpte sporen met de mest te verwijderen voordat de parasiet weer door een gezonde vogel kan worden opgenomen. In droge goedgeventileerde verblijven zullen de oöcysten veel moeilijker tot sporulatie overgaan dan bij vochtige warme omstandigheden. Indien de oöcysten door vogels worden opgenomen vestigen ze zich in de darmwand van de dunne darm en dringen een darmwandcel binnen en beginnen ze met het afbreken van de epitheelcellen van de darmwand. In dit stadium is de geïnfecteerde vogel een zieke vogel geworden, omdat de parasiet nu de gastheer gaat gebruiken om zelf te kunnen blijven voortbestaan. Een volgende cyclus speelt zich geheel binnen de vogel af. Dit is de a-sexuele reproductie cyclus, waarbij uit de sporozoїeten grote hoeveelheden merozoїeten worden gevormd, die weer op zoek gaan naar nieuwe cellen om te infecteren. Hierdoor ontstaat er een proces waarbij steeds meer cellen worden aangevallen. De conditie van de vogel zal nu zienderogen verslechteren, omdat nu massaal darmwandcellen worden afgebroken en het spijsverteringsproces van de vogel geheel ontregeld wordt. De ziekte wordt nu ook zichtbaar als we de buikbevedering opblazen. De darmlussen zien er dan rood en geïrriteerd uit. Ook zal de aanwezigheid van parasieten zichtbaar worden doordat de ontlasting waterig dun wordt en de kleur verandert. Ook is de vogel nu bijzonder gevoelig geworden voor andere, meestal bacteriële, infecties. Na verloop van tijd (enkele dagen tot een week) vindt er in de cyclus van de parasiet weer een verandering plaats. Sommige merozoїeten veranderen in gameten. Er worden nu specifiek vrouwelijke en mannelijke cellen aangemaakt. Nadat er een mannelijke en een vrouwelijke cel zijn samengesmolten (de seksuele reproductie) ontstaat er een zygote. In een volgende fase begint de zygote te veranderen in een oöcyst. Deze oöcysten verlaten nu de dunne darm en vinden hun weg naar buiten. Dit brengt ons weer bij terug de eerste stap in de cyclus. Alle vinkachtigen zijn gevoelig voor coccidiose en atoxoplasmose, maar er zijn verschillen. Putters en goudvinken worden tot de meest gevoelige vogels gerekend. Bij de haakbek kan ook wel coccidiose voorkomen, maar dit beperkt zich tot de fase waarbij de jongen uitvliegen. Coccidiose is in de regel goed te behandelen, terwijl bij atoxoplasmose het vrijwel altijd tot sterfte van de vogel leidt. Of een vogel een parasitaire infectieziekte heeft kan alleen maar door een microscopisch onderzoek van de uitwerpselen aan het licht gebracht worden. Middelen die parasieten kunnen doden zijn o.a. Baycox, ESB3 en finicoc. Er zijn kwekers die preventief deze middelen verstrekken in de gevoelige periode. Beslist noodzakelijk is dit echter niet, wanneer u goede gezonde stammen hebt opgebouwd. Bij het veelvuldig verstrekken van coccidiostatica kan ook resistentie optreden. Dit verschijnsel wordt bij pluimvee en biggen al veelvuldig waargenomen. Het verstrekken van medicatie moet zo veel mogelijk worden beperkt tot het moment dat de vogels daadwerkelijk ziekteverschijnselen vertonen.


Megabacteriën

De Megabacterie is een opportunistische ziekteverwekker. Opportunistisch betekent dat gezonde vogels de infectie bij zich kunnen dragen zonder dat dit leidt tot een ziektebeeld. Pas wanneer de vogel een verzwakt afweersysteem heeft, kan er een snelle vermenigvuldiging plaatsvinden en kan de vogel uiterlijke kenmerken van ziekte gaan vertonen. De naam megabacterie is eigenlijk onjuist. Het organisme, dat problemen bij onze vogels kan veroorzaken, heet voluit Macrorhabdus ornithogaster en is geen bacterie, maar een fungus. Tot de familie van de fungi behoren de schimmels, gisten en zwammen. Toen M. ornithogaster werd geïsoleerd uit zieke en overleden vogels was er nog geen manier voor handen om het organisme in het laboratorium op te kweken. Onder de microscoop nam men langwerpige cellen waar, die qua vorm sterk aan staafvormige bacteriën deden denken, behalve dat deze cellen vele malen groter waren dan een bacteriecel (ongeveer 20–80 micrometer lang). De term “megabacterie” lag dan ook voor de hand. Omdat het organisme ook als ziekteverwekker voorkomt bij kippen, is er de laatste 10 jaar veel onderzoek gedaan. Men kan nu het organisme opkweken op een voedingsbodem en er is veel werk gedaan om een geschikt medicijn te ontwikkelen.


Megabacterien bij een vergroting van 400 x Wanneer veroorzaakt M. ornithogaster een probleem voor onze vogels? Zoals gezegd komt de gist ook in kleine aantallen voor bij vogels, die er niet ziek van worden. Het optreden van stress, waardoor de weerstand van de vogel afneemt, kan er al toe leiden dat de gist zich tot hoge aantallen vermenigvuldigt en de vogel ziek maakt. Dit verschijnsel zien we bij meer infecties zoals bijvoorbeeld coccidiose. Vaak gaat dit ook gepaard met een andere infectie. Bij de meeste microscopische preparaten waar ik M. ornithogaster kon waarnemen, waren er ook coccidiën te zien. Het is dan belangrijk om beide te bestrijden. Vaak steekt M. ornithogaster de kop op als een vogel wordt verplaatst en er stress optreedt. Ook kan de weerstand van een vogel verzwakken door eenzijdige of verkeerde voeding. Slechte huisvesting en onvoldoende hygiëne kunnen ook de oorzaak van een infectie zijn. M. ornithogaster veroorzaakt ontstekingen in de klier- en de spiermaag. Hierdoor valt de functie van het voedsel verteren uit en hoopt het voedsel zich op. Dit is ook de reden dat de vogel wil blijven eten. Ondanks dat er veel voer wordt opgenomen, wordt dit niet verder verteert. Met een volle krop en maag sterft een vogel in feite de hongerdood. De uiterlijke kenmerken van een vogel die een M. ornithogaster infectie heeft zijn de volgende:

 De vogel zit een groot deel van de dag bij de voerbak. Hij eet en lijkt onverzadigbaar, toch vermagert de vogel zienderogen.

 De vogel oogt ongezond zit met afhangende vleugels. De meeste vogels zullen pas “bol” gaan zitten als de ziekte al in een zo ver gevorderd stadium is dat genezing bijna onmogelijk is.

 De mest is waterig/slijmerig dun met een groene kern. Soms kunnen hierin onverteerde zaden worden waargenomen.

Bovenstaande kenmerken kunnen ook door andere infecties worden veroorzaakt. Een microscopisch onderzoek van de mest is dan ook noodzakelijk en geeft direct uitsluitsel. Indien onder microscoop met een vergroting van 400x langwerpige staafvormige cellen worden waargenomen, dan is dit altijd een infectie van M. ornithogaster. De meeste cellen bevinden zich wel in de groene kern van de ontlasting, daarom moet dit worden onderzocht. Een kleuring van het preparaat geeft vaak een duidelijker beeld, maar is niet echt noodzakelijk. Vergeet niet om ook te (laten) kijken naar secundaire infecties bijvoorbeeld aanwezigheid van coccidiën. Omdat weinig vogelhouders over een microscoop beschikken, zal men voor de diagnose bij de in vogels gespecialiseerde dierenarts te rade moeten gaan. Vang wat mest op met een stukje huishoudfolie en stuur dit op of breng mee als u met de vogel de arts bezoekt. Leden van de SEC kunnen ook kosteloos de mest laten onderzoeken Antibiotica zoals Baytril hebben geen enkele werking ten opzichte van gisten. Onderzoek in de pluimvee sector heeft aangetoond dat behandeling met amphotericine B wel het gewenste resultaat oplevert. Amphotericine B wordt ook in de humane geneeskunst gebruikt voor behandeling van gistinfecties bij ingewanden of genitaliën onder de handelsnaam Fungizone. Bij zieke vogels wordt Fungizone in een concentratie 0.6 ml/liter water gedurende 3 weken gegeven. Beter is het om het middel 3 maal daags direct met een kropnaald in de krop te brengen. De behandeling kan dan korter zijn, maar niet iedereen durft of kan met een kropnaald te werken. Een vogel kan pas genezen worden verklaard als er in het microscopisch beeld geen cellen meer te zien zijn. Amphotericine B grijpt in op de celwand van de gist, waardoor lekkage optreedt en de cel wordt geïnactiveerd. Indien een vogel de infectie heeft opgelopen moet hij apart gezet worden. Niet omdat een M. ornithogaster infectie erg besmettelijk is, maar de vogel moet worden behandeld en het liefst ook een beetje warm gezet worden in een ziekenkooitje. Men grijpt soms te snel naar de Baycox of EsB3 als een vogel een maag/darm probleem heeft. Er gaan dan kostbare dagen verloren en de vogel wordt steeds zieker. Een infectie met M. ornithogaster is goed te genezen, maar u met snel met de juiste medicatie ingrijpen.

Zweetziekte of colibacillose


Door contacten met collega kwekers lijkt het er op dat er in 2009 meer dan andere jaren nestjongen verloren zijn gegaan door de bacteriële infectie die zweetziekte of colibacillose wordt genoemd. Het infectieuze organisme dat de ziekte veroorzaakt is Escherichia coli en de infectie vindt plaats in de darmen van de vogel. Hierdoor ontstaat een heftige diarree, waardoor de ontlasting, niet meer omgeven is door een vliesje en door de pop niet meer uit het nest verwijderd kan worden. Hierdoor ontstaat een nat nest waar een veelal groen gekleurde ontlasting te zien is. Ook de naam colibacillose roept vraagtekens op. Bacilli zijn micro-organismen, die in staat zijn sporen te vormen. Escherichia coli kan dit niet en komt uitsluitend als vegetatief organisme voor. Beide namen zijn echter geheel ingeburgerd en veel doet het er eigenlijk niet toe. In de pluimvee sector worden de organismen, die ziekte veroorzaken APEC genoemd (Aviaire Pathoge E. Coli). Naast de in dit artikel behandelde colibacillose kan E. coli een grote verscheidenheid aan andersoortige infecties veroorzaken o.a. bloedvergiftiging, eileiderontsteking, en dooierrest ontsteking. In het laatste geval sterft het embryo in het ei of heel kort nadat het jong is uitgekomen. Escherichia coli komt van nature in het darmstelsel van zoogdieren en veel vogelsoorten voor en speelt een belangrijke rol bij de spijsvertering. Ook pathogene varianten kunnen uit ogenschijnlijk gezonde dieren worden geïsoleerd. Er zijn wel 12.000 verschillende E. coli typen, die alleen met geavanceerde antigen technieken van elkaar kunnen worden onderscheiden. Indien één vogel in het nest besmet is en er diarree optreedt, zullen heel snel de andere jongen geïnfecteerd raken. Binnen een dag of hooguit twee dagen zullen alle jongen overlijden ten gevolge van uitdroging en het niet meer kunnen verteren van de voeding. Vaak is aan het nest een vieze lucht waarneembaar, die wordt veroorzaakt door de afbraakproducten in de mest. Net als bij vele andere infecties moeten er meerdere factoren in het spel zijn, die E. coli daadwerkelijk tot een ziekteverwekker maken. Hygiëne speelt daarbij een zeer belangrijke rol. De infectiedruk voor het nestjong dient zo laag mogelijk gehouden te worden. Overbevolking moet worden vermeden. Een volièrebodem, waar de uitwerpselen zich hebben opgehoopt en vervuild drinkwater zijn bronnen van infectie. Via de ouders wordt de besmetting overgedragen op het nest of direct op het nestjong via de voeding. Vocht is ook een belangrijke factor, die bepaalt of de ziekte zich kan manifesteren. Misschien dat dit de oorzaak is dat het uitbreken van colibacillose infecties bij kwekers het ene jaar meer voorkomt dan andere jaren. Ook de weerstand van de vogel is bepalend of de ziekte zich ontwikkelt. Een niet goed gebalanceerde (ei) voeding kan het jong extra gevoelig maken. Indien een nest is geïnfecteerd, moeten de jongen worden overgelegd in een schoon nest (bv een schoon identiek mandje). Dit moet liefst dagelijks worden gecontroleerd en desgewenst opnieuw worden vervangen. Snel ingrijpen is belangrijk, wanneer de eerste symptomen zich voordoen, is het meestal al te laat. De ziekte laat zich in een vroeg stadium goed genezen met een geschikt antibioticum. Vroeger werd vaak tetracycline voorgeschreven, maar dit middel heeft de bijwerking dat het kropverzuring in de hand kan werken. Tegenwoordig wordt meestal colistine (polymyxine E) of TMPS (trimethoprim sulfadiazine gebruikt). Indien zich een uitbraak in uw gemengde volière voordoet is het te overwegen de behandeling voor het hele vogelbestand te starten, ook indien een nest nog gezond oogt. Probiotica worden ook als middel ter voorkoming aangeprezen. Mij is echter geen enkele studie bekend, die onomstotelijk een positief effect ten opzichte van colibacillose bewezen heeft.

Luchtweginfecties

Een aandoening van de luchtwegen kan verschillende oorzaken hebben. Soms hebben verschillende oorzaken hetzelfde ziektebeeld. De vogel hapt naar adem, schudt met de kop en soms zien we de vogel slierten slijm uit de snavel schudden. In 2009 is er een kleine epidemie geweest onder in het wild levende vinkachtigen van Trichomonas gallinae (het geel). Vooral groenlingen waren hiervan het slachtoffer. In de avicultuur heeft dit echter niet tot problemen geleid. Trichomonas gallinae is een protozo, uit een grote familie, die het vooral heeft voorzien op de slijmvliezen. Bij de mens komt Trichomonas voor als een SOA, die sterk in opmars is. Indien “het geel” zich bij uw vogels openbaart moet behandeld worden met Tricho plus. Luchtpijpwormen Luchtpijpwormen kunnen vooral voorkomen bij vogels in de buitenvolière. Dit komt omdat zij als gastheer slakken, duizendpoten en wormen hebben. Vogels die een besmette gastheer opeten kunnen hierdoor geïnfecteerd raken. Ook hier schudt de vogel veelvuldig met de kop om de worm kwijt te raken en haalt moeilijk adem. Er zijn verschillende middelen in de handel om luchtpijpwormen te doden. Ivomec is een middel dat veelvuldig toegepast wordt bij de behandeling van verschillende parasieten. Luchtpijpmijten Ook hier verloopt de ademhaling moeizaam en niest de vogel vaak. Van de vinkachtigen schijnt de putter het meest gevoelig te zijn. Luchtpijpmijt kan gemakkelijk behandeld worden met anti luchtpijpmijt (Bogena). Zorg er voor dat u het druppeltje in de nek zorgvuldig aanbrengt en de vogel het middel niet kan opnemen via de snavel. Bacteriële infecties Bacteriële infecties zijn waarschijnlijk de grootste oorzaak van een aandoening van de luchtwegen. Vooral goudvinken lijken hier extra gevoelig voor. De vogel hapt en schudt continu met de kop. Men kan zien dat er slijm uit de snavel wordt geschud. Ook is de kop nat en de wanden van de kooi raken met slijmresten vervuild. Vaak heeft dit te maken met maken met onvoldoende ventilatie wanneer de vogels binnen zijn gehuisvest. Meestal kan een vogel deze aandoening niet zelf overwinnen. Behandeling met Tylosine (10%) lost dit probleem meestal snel op. 2-4 gram/liter drinkwater gedurende 5 dagen. De andere vogels in hetzelfde verblijf moeten mee behandeld worden. Bij een hardnekkige infectie helpt de medicatie van Dierenkliniek Hulst “anti-Luchtwegen infectie met slijmoplosser”  


Er zijn veel dierenartsen in Nederland en ze weten alles over poezen, honden, konijnen en cavia's. Slechts een enkeling heeft ook werkelijk verstand van vogels. In negen van de tien gevallen wordt door artsen, die niet in vogels zijn gespecialiseerd een breedspectrum antibioticum voorgeschreven en gelukkig, vaak helpt het nog ook. Tenminste als de ziekte een infectie is die veroorzaakt wordt door bacterien. Wanneer de oorzaak iets anders is bij voorbeeld parasieten, schimmels, gebrekziekten of vergiftiging, dan helpt een antibioticum niet. Sterker nog door het antibioticum zal de vogel verder achteruitgaan en verslechtert de algemene conditie. Ga dus alleen te rade bij een dierenarts die verstand heeft van vogels, de juiste diagnose kan stellen en meteen de goede medicatie kan voorschrijven. 

 



Copyright john van der Jagt © 2013. All Rights Reserved.